765 Kletsende klasse naar 15% van de economie (11)

We hebben nu een aardig modelletje te pakken om de overgang en transitie naar een papier-economie met optimale extractie door te kunnen rekenen of althans de achterliggende dynamiek te laten zien in consistente termen. De bank-sector is inmiddels de grotere papieren-regel-toezicht-sector geworden waarin wij allemaal die deze blogs schrijven en lezen in werken. Wat nog niet helemaal klopt is de numerieke grootte van die sector in het model, dat zit nog te dicht tegen een bank-aandeel aan. Dat aandeel moet nog omhoog (zonder het model verder qua vergelijkingen noemenswaardig te veranderen) naar zeg 15-25% van de economie (waarschijnlijk nog te laag). Nog even een tussenstap dus voordat we de hele exercitie in de volgende blog #766 gaan afronden. Want het is mooi geweest, het idee is duidelijk, destijds een leuk model om geld endogeen te maken door een winstmaximaliserende bank te modelleren, nu een aangepast en uitgebreid model dat meer aansluit op termen als optimale extractie en de kletsende klasse van hoger opgeleiden in de papier-economie.


Laten we doorpakken op M3-P en focus op 0.24 we laten de verhoging weg. Wellicht is de exacte transitie ook minder van belang en is comparatieve statica voldoende. Wat denk je? Minder rekenkracht en meer aandacht voor het verhaal en de uitleg van hoe het werkt.


Misschien moeten we laten zien hoe we komen tot een serieuzer aandeel van papier en E in de totale economie? Wat is nu het aandeel en wat zou voor het verhaal logischer zijn?


M3-P: van banksector naar papiersector

In het oorspronkelijke bankmodel was de banksector nog een kleine, smalle sector. Dat paste bij de vraag van toen: hoe modelleer je een bank als onderneming die krediet/geld produceert? In M3-P wordt die banksector verbreed tot een grotere papiersector: finance, beleid, advies, toezicht, rapportage, compliance, lobby, commissies, kennisinstellingen, marketing en morele legitimering.

Daarmee verandert de kernvraag. Het gaat niet langer alleen om banken die geld creëren, maar om een bredere klasse die regels, claims, rapporten, advies, toezicht en morele verhalen produceert. Die sector maakt niet rechtstreeks fysieke goederen, maar claimt wel een groeiend deel van arbeid, inkomen en legitimiteit.

1. Het probleem met de huidige kalibratie

In de huidige M3/M2-v2-kalibratie is de papier-/banksector nog ongeveer:

(1) lP = lb = 0,123

Bij totale arbeid:

(2) l = 7,553

Het aandeel van de papiersector is dan:

(3) lP / l = 0,123 / 7,553 = 1,63%

Dat is logisch als we alleen aan banken denken. Maar het is veel te laag als lP staat voor het hele gebouw van banken, advies, beleid, toezicht, rapporten, commissies, lobby, kennisinstellingen, ESG, marketing, controle en morele legitimering.

Kerncorrectie: het model zegt nu nog “banksector”, terwijl het verhaal eigenlijk “papiersector” zegt.

2. Het huidige aandeel van E

De ontvangende klasse, de elite of papierklasse, is al zichtbaarder in de consumptieverdeling. In de M3-basis hadden we:

(4) cW = 0,675
(5) cE = 0,383
(6) c = 1,058

Daarmee is het consumptieaandeel van E:

(7) cE / c = 0,383 / 1,058 = 36,2%

Dat is al substantieel. De bezits- en afroomkant staat dus redelijk scherp. De zwakke plek zit vooral bij lP, de zichtbare arbeid in de papiersector.

3. Wat is logischer voor M3-P?

Voor het verhaal is een smalle banksector van 1,6% te klein. We moeten drie lagen onderscheiden.

Variant Papiersector lP/l Interpretatie
Smal 5% banken, financiële administratie, harde juridische en financiële kern
Harde kern 10% finance, compliance, advies, rapportage, beleidsbureaucratie
Midden 15% papiersector groeit door transitie, regeldruk en verantwoordingslast
Breed 20–25% hele kletsende klasse: beleid, advies, toezicht, kennisinstellingen, communicatie, lobby, commissies en morele marketing

Voor de bloglijn is vooral een basis van 10% en een transitiescenario van 15% aantrekkelijk. Dat is stevig genoeg om het mechanisme zichtbaar te maken, maar nog niet zo breed dat het meteen karikaturaal wordt.

4. Wat gebeurt er met fysieke arbeid?

Met totale arbeid:

(8) l = 7,55

kunnen we laten zien wat verschillende papier-aandelen betekenen.

Doel-aandeel papiersector lP lW = l − lP
1,6% huidig model 0,123 7,430
5% smal 0,378 7,175
10% harde kern 0,755 6,798
15% midden 1,133 6,420
20% breed 1,511 6,042
25% brede kletsende klasse 1,888 5,665

Hier wordt de verschuiving zichtbaar. Bij 10% of 15% is de papiersector geen bijzaak meer. Zij claimt een serieus deel van de beschikbare arbeid. Bij 25% wordt zij een dragende maatschappelijke laag.

5. Hoe maken we dit modelmatig netter?

We moeten niet simpelweg zeggen: “de papiersector is 15%”. Dan stoppen we te veel rechtstreeks in het model. Beter is om het papierwerk op te bouwen uit drie componenten.

(9) lP = lPbasis + lPtransitie + lPlegitimatie

Waarbij:

(10) lPbasis = normale bank-, regel-, administratie- en advieslaag
(11) lPtransitie = extra papierarbeid door transitie, regeldruk, rapportage en controle
(12) lPlegitimatie = arbeid voor marketing, lobby, framing, commissies, rapporten en morele rechtvaardiging

Een eenvoudige specificatie is:

(13) lPbasis = 0,10l
(14) lPtransitie = β(0,25 − ε)l
(15) lPlegitimatie = μxWl

In gewone taal:

  • er is altijd een basislaag papier;
  • als de netto-productiviteit daalt door transitie en regeldruk, groeit de papierlaag;
  • hoe meer wordt afgeroomd, hoe meer legitimatie nodig is.

6. De rol van E moet worden opgesplitst

De elite of papierklasse bestaat niet alleen uit aandeelhouders. Een deel van E bestaat uit hoogopgeleide loonwerkers in het papiergebouw. Daarom is het beter om E te splitsen.

(16) E = EA + EL

waarbij:

(17) EA = bezitters, aandeelhouders, rentiers
(18) EL = hoogopgeleide papierwerkers, regelaars, adviseurs, beleidsmakers

De E-klasse ontvangt dan:

(19) PllP + Df + Db + RCBW + fees

De werkenden ontvangen:

(20) PllW

maar betalen daaruit rente, lasten, hogere prijzen en doorberekende papierkosten.

7. De betere M3-P-kalibratie

Voor M3-P zou ik de volgende centrale kalibratie nemen.

Situatie ε lP/l Interpretatie
Basis 0,25 10% harde kern van de papiermaatschappij
Transitie-/regeldrukscenario 0,24 15% papiersector groeit door regels, advies, rapportage, toezicht en legitimering
Hard/breed scenario 0,24 25% brede kletsende klasse, inclusief beleid, kennisindustrie, communicatie en commissies

De basisversie voor de blogs wordt dus:

(21) ε = 0,25,   lP/l = 10%

en het M3-P-transitiescenario:

(22) ε = 0,24,   lP/l = 15%

8. Waarom dit beter past bij het verhaal

De huidige M3 zegt nog:

Een kleine banksector roomt af.

De betere M3-P zegt:

Een omvangrijke papiersector claimt een groeiend deel van arbeid, inkomen en legitimiteit.

Dat past beter bij de blogvisie. Het gaat niet alleen om banken. Het gaat om het systeem waarin finance, regelgeving, rapportage, kennisinstellingen, toezicht, commissies, lobby en morele framing samen een papieren laag vormen bovenop de fysieke productie.

9. Kernconclusie

In het oorspronkelijke bankmodel was de papiersector nog een kleine banksector van ongeveer 1,6% van de arbeid. Voor M3-P is dat te smal. Als we de banksector verbreden tot de harde kern van de moderne papiermaatschappij, is een basiswaarde van 10% veel logischer. Bij een transitie- of regeldrukscenario, waarin de netto-productiviteit daalt van:

(23) ε = 0,25   naar   ε = 0,24

kan de papiersector groeien naar 15%. Dat maakt zichtbaar wat in de blogs centraal staat:

De fysieke economie wordt zwaarder belast, terwijl de papiersector groeit door precies die regels, rapporten, commissies, adviezen en morele verhalen die de lagere productiviteit veroorzaken of legitimeren.

De volgende stap is dan om deze nieuwe kalibratie — 10% papiersector in de basis en 15% in het transitiescenario — te gebruiken voor een comparatief-statische tabel met:

  • fysieke productie Y;
  • fysieke arbeid lW;
  • papierarbeid lP;
  • consumptie van werkenden cW;
  • consumptie van E cE;
  • schuld van werkenden BW;
  • extractiegraad xW;
  • onrustindicator 𝒰.

Versie: M3-P HTML-blok, papiersector-aandeel en herkalibratie. Alle CSS is beperkt tot #rudy-m3p-papiersector.

Previous Post Next Post
@media print { /* Verberg alle ongewenste onderdelen */ header, .site-header, nav, .main-navigation, .sidebar, .site-sidebar, aside, footer, .site-footer, .widget-area, .breadcrumbs, .post-meta, .related-posts, .comments-area, .print-hide { display: none !important; height: 0 !important; margin: 0 !important; padding: 0 !important; overflow: hidden !important; } /* Verberg ook bepaalde vaste*